SEEGERS , Piet

Petrus
Seegers
Geboren:
Amsterdam
19 augustus 1916
Levensbeschrijving: 

Piet Seegers was zoon van de bekende communist Leen Seegers die voor de Communistische Partij Nederland (CPN) veertig jaar lang in de gemeenteraad van Amsterdam zat. Zijn moeder was Helena Budde, die in de jaren ’30 minstens zo actief was als haar man in het organiseren van bijeenkomsten en stakingen. Zij wordt vlak na de Duitse bezetting in 1940 gearresteerd en overlijdt onder ‘niet opgehelderde omstandigheden’ in een Duitse cel. Mogelijk pleegde zij zelfmoord. Leen en Helena waren halverwege de jaren ’30 uit elkaar gegaan, Helena Budde had een actieve rol in de Wollweber-organisatie, een Duitse communistische verzetsorganisatie.

In een clandestien stencil van 15 december 1940 schrijft de illegale “Waarheid”:
De vrouw van het bekende Amsterdamse communistische gemeenteraadslid, Seegers-Budde, heeft in de fascistische kerker de dood gevonden! Enige tijd geleden werd zij met één van haar zoons gearresteerd. Beiden werden in een der nazi-folterholen in Hamburg geworpen.

Vrouw Seegers-Budde, die reeds een hoge leeftijd had bereikt, was een actief strijdster voor de zaak der arbeidersklasse. Na de bezetting werden tientallen strijders opgesloten. Hen bedreigt hetzelfde lot.

Redt alle vrijheidsstrijders uit de beulshanden!

Smeedt de eenheid tegen kapitalistische-fascistische onderdrukking, voor het ware socialisme en de vrijheid der geknechte volkeren!!!

Piet Seegers bevindt zich op dat moment in Spaanse gevangenschap. Hij zal waarschijnlijk niets geweten hebben van het lot van zijn moeder, noch van dat van zijn oudere broer die net als de vader Leendert heette. Broer Leen is samen met moeder Helena gearresteerd en wordt in 1942 gefusilleerd. Vader Leendert was in 1941 gearresteerd en zat tot de bevrijding in 1945 in het concentratiekamp Buchenwald.

Wat Piet deed besluiten naar Spanje te gaan, is nergens gedocumenteerd maar kan tegen de achtergrond van dit communistische gezin nauwelijks verbazing wekken. Piet komt begin 1938 naar Spanje. In een interview in De Waarheid van 5 oktober 1964 vertelt Piet Laros over hem:

Pietje Seegers. Een bengel nog. Hij was onze lichte MG-schutter. Bij Palacete braken de Moren door. We moesten terugtrekken zonder verbindingen links en rechts. En één licht machinegeweer. Ik zeg tegen Pietje: 'We kunnen alleen nog op jou bouwen'. Zijn rug brak bijna onder de munitie, die met touwen was vastgebonden. Maar hij liep en struikelde door. Urenlang door de bergen. Hij deed het niet om de held uit te hangen. Maar hij was een voorbeeld, een volhouwer."

Maar Seegers  wordt al vrij snel gevangen genomen. Hij brengt ruim vier jaar door in Spaanse gevangenissen en kampen, samen met een groep van ongeveer 25 Nederlanders. Voor die groep werpt hij zich, samen met oa Herman Scheerboom, op als woordvoerder. Dat hij nauwelijks op de hoogte was van de ontwikkelingen in Nederland, blijkt uit een schrijven van zijn hand aan de Nederlandse gezant te Madrid, vermoedelijk eind 1942. Hij vraagt zich af of het niet beter is om gedaan te krijgen dat ze via Duitsland teruggestuurd worden naar Nederland, immers inmiddels zijn zo’n beetje alle krijgsgevangenen vrijgelaten behalve de Nederlanders. Deze vraag, schrijft hij

komt voort uit de omstandigheden waarin we ons de laatste 3 ½ jaar bevinden en die zich den laatsten tijd zeer verslechterd hebben. Zoals we U reeds berichtten, is een van ons gestorven als slachtoffer van de epidemie die hier heerschte en 64 slachtoffers maakte, dat is ongeveer 10 % van het Bataljon.

Piet moet geen notie hebben gehad van de omstandigheden waarin zijn vader zich op dat moment in Duitsland in het concentratiekamp Buchenwald bevond.

Uiteindelijk komen de interbrigadisten terecht in het concentratiekamp in Miranda de Ebro. Hier zitten in totaal 24 Nederlandse Interbrigadisten in krijgsgevangenschap, naast een aantal andere Nederlanders die om andere redenen daar worden vastgehouden. Het leven in deze kampen is slecht; er is weinig voedsel, de hygiëne laten veel te wensen over en er is nauwelijks medische zorg.

Voor vrijlating in het kamp zijn de Nederlanders afhankelijk van de inzet en bemiddeling van de Nederlandse regering en haar diplomatieke vertegenwoordiging in Spanje. Het resultaat daarvan liet te wensen over. Eind 1939 was een viertal Nederlandse gevangenen vrijgekomen, waaronder Alex de Seume. Seume wordt in Amsterdam opgevangen in het huis van Helena Budde en begint een relatie met de zus van Piet, Jet.

Vervolgens duurt het tot 1942 voor de volgende groep wordt vrijgelaten. De laatste Nederlandse Interbrigadisten komen pas in 1943 vrij. Voor een deel had dit te maken met tegenwerking vanuit Spanje, dat, na afloop van de burgeroorlog die zo sterk gekenmerkt werd door ideologische tegenstellingen, de buitenlandse “handlangers” van de “roden”, de “huurlingen die nonnen verkrachten en enkel op buit uit waren”, zoals ze in de rechtse pers werden afgeschilderd, eigenlijk niet ongestraft wilde laten gaan. 

Aan de andere kant was er binnen de Nederlandse regering niet altijd evenveel enthousiasme om zich in te zetten voor de “ex-Nederlanders” en om diplomatieke druk uit te oefenen ten gunste van hun vrijlating. Na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog veranderde dit omdat de inzet van de Nederlandse Interbrigadisten in een ander daglicht kwam te staan en men positiever tegen hen aankeek. Het maakte de vrijlating er niet makkelijker op omdat Spanje toen door Duitsland onder druk werd gezet om de vrijlating van krijgsgevangenen, die zich mogelijk zouden kunnen aansluiten bij de geallieerde troepen, tegen te houden.

Seegers wordt met 9 anderen in juli 1942 vrijgelaten uit Miranda de Ebro. Deze groep vertrekt per boot vanuit Vigo in Portugal naar Trinidad. Na 2 maanden gaan ze naar Curaçao, en vandaar naar Canada waar ze in februari 1943 aankomen. Hier worden ze ingelijfd in de Nederlandse Troepen in Canada. Seegers komt bij de marine. Op 29 mei 1943 vertrekt hij als kanonnier aan boord van ms. Tarakan, een vrachtschip van de Stoomvaart Maatschappij Nederland dat ingezet werd als vrijschip, naar Australië waar ze op 20 december 1943 aankomen. Op 27 maart 1944 wordt hij overgeplaatst naar het KNIL, detachement Melbourne. Wat daarna gebeurd is, is niet duidelijk.

Vader Leendert Seegers heeft zich over zijn dramatische gezinsgeschiedenis vrijwel nooit in het openbaar uitgelaten. Het paste niet bij de mores van de naoorlogse jaren en het was al helemaal ongebruikelijk binnen het communistische milieu om over persoonlijke sores te praten. Alleen journaliste Bibeb wist hem in een lang interview in Vrij Nederland van 26 september 1967 iets persoonlijks te ontlokken.  De communist Leen Seegers uit er in in voor die tijd ongekend informele termen zijn bewondering voor koningin Wilhelmina: “Wilhelmina was een flink wijf.”….. En dan vervolgt het interview:

Vertelt dat hij in ’46 geïnviteerd werd in het paleis en Wilhelmina vroeg wat hij in de oorlog had gedaan. Z’n antwoord: Concentratiekamp, vrouw in Duits kamp vermoord, zoon in een concentratiekamp overleden en tweede zoon uit de Spaanse Burgeroorlog gedeukt teruggekomen. Toen ik terug kwam, wist ik niet waar hij zat. Een neef, een varensgezel, hoorde in een café in Australië dat in die plaats nog een Seegers woonde. Hij werd naar Nederland gebracht, verpleegd in Maasoord, Santpoort, en is daar gestorven.

Bronnen: 
  • NA  2.05.286 Gezantschap Spanje ( beperkt openbaar), inv nr 65
  • NA 2.04.80,  bureau Nationale  Veiligheid, Inv nr 1435  ( beperkt openbaar)
  • Vrij Nederland, 26-11-1967
  • Informatie van Tom King, zoon van Jet Seegers
  • Waarheid 05-10-1964, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010372274:mpeg21:a0014
  • Archief Internationale Brigaden, Moskou, RGASPI F.545-Op.6-D.36-L.49
  • Ministerie van Defensie, Archief Persoonsdossiers
Auteur: 
Yvonne Scholten, Rik Vuurmans
Laatst gewijzigd: 
5-12-2018
Overige gegevens
Sekse: 
man
Beroep: 
Kantoorbediende
Adres: 
Eerste Kostverlorenkade 17
Woonplaats: 
Amsterdam
Datum vertrek Nederland/aankomst Spanje: 
01-02-1938
Vader: 
Leendert Jacobus Seegers
Moeder: 
Helena Margaretha Budde