WIERING, Theo

Theodorus Tijs
Wiering
Geboren:
Amsterdam
15 april 1914
Overleden:
Amsterdam
4 juni 2010
Levensbeschrijving: 

Theo Wiering is genoemd naar zijn vader, een violist die tevens directeur was van diverse socialistische zangverenigingen, waaronder Mannenkoor ‘Kunst aan het Volk’. Officieel woonde Theo in de Westerstraat bij zijn vader. Er was een planken vloer, een muziekstandaard, een keukentafel en verder niets. Het was daarom misschien maar goed dat Theo in werkelijkheid bij het OSP‑lid Gerrit Schuring woonde in de Jan van der Heijdenstraat, op de Westlandgracht en in Amsterdam‑Zuid. Lid van de Algemeene Handels- en Kantoorbediendenbond (‘De Algemeene’). Aansluitend was hij lid van het SJV‑Amsterdam, maar hij werd nooit lid van de OSP.

Dat Theo niet bij zijn vader woonde betekent niet dat hij van diens bohemienachtige niets mee kreeg. Integendeel. Hij droeg zijn haren lang, en had iets van een provo avant la lettre. Meerdere oud‑SJV-leden herinneren hem zich als iemand die zich niet waste en dus nogal rook. Hij zag er zeer armoedig uit. Na zijn opleiding werkte hij een half jaar en was aansluitend jaren werkloos. Tussendoor werkte hij af en toe, onder andere door Indiëgangers naar Marseille te rijden. Het was een kwestie van werk aanpakken dat je werd aangeboden. Hij was lid van het RSJV en de LJG.

Als Wiering later naar zijn tijd in Spanje werd gevraagd zei hij alleen dat het geen leuke tijd was en deed hij er verder het zwijgen toe. Uit de archieven blijkt waarom. Met zijn vriend Schuring meldde Wiering zich waarschijnlijk in november 1936 aan voor Spanje naar aanleiding van een oproep in Het Volk van het Comité ‘Hulp aan Spanje’, waarin verplegers en geschoolde hulpkrachten werden gevraagd. Na enige tijd administratieve werkzaamheden voor het Comité te hebben verricht waren ze mede dankzij een aanbevelingsschrijven van het Comité en met financiële hulp van vrienden in de gelegenheid per vrachtwagen naar Parijs te reizen. Daar meldden ze zich bij het Comité de Coordination et d’Information pour l’Aide  à l’Espagne républicaine. Dit comité verwees hen door naar een andere organisatie, het Comité de Defensa del Pueblo Espanol. Na enkele dagen vertrokken ze met enkele tientallen lotgenoten per trein naar Perpignan. Daar werden ze geïsoleerd, zowel van de buitenwereld als van elkaar. Er werd een eerste poging gedaan iets aan de fysieke conditie van de vrijwilligers te doen, maar er heerste verder geen discipline: er werd vreselijk veel gedronken. Schuring en Wiering wisten dat er iets niet deugde, maar konden er vooralsnog niet de vinger op leggen. In Fort Figueras werd het hen duidelijk, ze stonden onder controle van de communisten. Per trein via Barcelona en Valencia ging de reis naar Albacete. Hier kregen ze onder protest militaire uniformen aangemeten: daar waren ze niet voor gekomen. Na de allerlichtste militaire training ging de reis naar Tarazona. De twee bleven protesteren en zagen hun kans schoon toen er om verplegers werd gevraagd. Wiering werkte een tijdje in een keuken. Na enkele dagen vertrokken ze met een groep per trein naar Aranjuez, van daar per bus naar gebouw Pablo Iglesias in Madrid. De ene helft van de groep vertrok naar het bataljon Edgar André, de andere helft ging naar het bataljon Thälmann. Wiering was ondertussen ook tot verpleger bevorderd. Onder het voorwendsel dat ze voor oefeningen naar Fuencarral zouden reizen, bleken ze opeens op weg te zijn naar het front. Ze hadden zelfs nog geen wapens. Het enige waar Schuring en Wiering over beschikten was een kleine hoeveelheid verband. Op een groep van 80 man waren zij de enige ‘verplegers’. Kort daarop kregen zij hun vuurdoop en moesten vijf zwaargewonden van noodverband voorzien en over open terrein wegvoeren. Na een week waarin ze drie zware aanvallen voor hun kiezen kregen werden ze afgelost. Met hun permanente ontkenning dat ze communisten waren maakten Schuring en Wiering het zichzelf niet makkelijker. Ze vroegen en kregen overplaatsing naar het bataljon Edgar André. Terug in Madrid kregen ze van een landgenoot bij de Internationale Brigade het adres van de Volk-journalist Gerzon Kreveld, die hen eind 1936 met het Nederlands Gezantschap in contact bracht. Schuring en Wiering stelden zich onder bescherming van de Nederlandse consul.

Tijdens de oorlog verbleef Wiering in een werkkamp in de buurt van Hannover.

Na de oorlog begon hij een administratie- en verzekeringskantoortje. Hij trouwde met Trien, hun huwelijk bleef kinderloos. Meteen na zijn terugkomst in Nederland werd Theo lid van de CPN, maar hij werd eruit gegooid vanwege zijn contacten met trotskisten. Dus werd hij lid van de voortzetting van het CRM, de RCP. Vanaf het begin van de jaren zestig publiceerde Theo gecompliceerde verhandelingen over de accumulatietheorieën en de arbeidswaardeleer in het orgaan van de IVe Internationale in Nederland, de Internationale. Volgens Igor Cornelissen werd er bij de Wierings op de Tugelaweg eindeloos vergaderd. ‘Theo was onverstoorbaar. Schraal, wat ingevallen en het haar lang in de nek had hij uitstekend aansluiting bij jongeren die in hem een overjarige provo zagen. Voor zover zijn eigen werk dat toeliet werkte hij onophoudelijk voor de beweging, behalve zes weken in de zomer wanneer hij met zijn vrouw in Zuid-Slavië verbleef […] Toen Theo en Trien met de gedrukte Internationale gingen colporteren bij de eerste Vietnam marsen vlogen de losse nummers er als warme broodjes uit.’ Tussen 1966 en 1973 gaf hij scholing voor achtereenvolgens het Marxisties‑Leninisties Centrum Nederland (MLCN), de Kommunistiese Eenheidsbeweging Nederland (Marxisties‑Leninisties), de Kommunistiese Partij Nederland (Marxisties‑Leninisties), de Socialistische Partij (SP), Proletaries Links en de Socialistische Arbeiderspartij (SAP). 

Bronnen: 
  • Bron: Digitaal Archief Bart de Cort op IISG; http://www.grenzeloos.org/content/bij-het-afscheid-van-theo-wiering; CID_1380.pdf: Dossier enh. 30 januari 1937 nr 584 Geheim; nr 1513 Geheim; enh. 8 maart 1937, nr 1409 Geheim (bijlage); CID 2574.pdf
  • Nationaal Archief 2.09.22, Ministerie van Justitie, 1914-1940 (Geheim Archief), inventarisnr 16803
  • Archief Internationale Brigaden, Moskou, RGASPI F.545-Op.6-D.404-L.94
Auteur: 
Bart de Cort
Laatst gewijzigd: 
16-02-2016
Overige gegevens
Sekse: 
man
Beroep: 
Electricien, reiziger voor boekhandel
Adres: 
Weismullerstraat 48
Woonplaats: 
Amsterdam
Datum vertrek Nederland/aankomst Spanje: 
00-12-1936
Datum terugkeer: 
00-02-1937
Vader: 
Theodorus Tijs Wiering
Beroep vader: 
musicus
Moeder: 
Johanna Catharina Elisabeth Jordans