KLONIA, Gerard de

Gerardus Johannes
de
Klonia
Geboren:
Amsterdam
22 januari 1909
Overleden:
Hoogkarspel
10 juni 1977
Levensbeschrijving: 

Gerrit de Klonia was pas 8 jaar oud toen zijn moeder in 1917 overleed. Vader bleef achter met vijf kinderen, hij hertrouwde pas in 1923. Begin jaren dertig verhuist het gezin kortstondig naar Rotterdam om al snel weer terug te komen in Amsterdam. Op de gezinskaart staat een merkwaardige aantekening: Gerrit zou in 1933 twee maanden in de strafgevangenis van Groningen hebben gezeten "wegens overtreding van art.25a der dienstplichtwet." Dat is wonderlijk want in 1928 was hij vrijgesteld van dienst wegens broederplicht. Als beroep van Gerrit staat vermeld zeeman. Zoon Wim meent dat hij gevaren heeft op Katwijkse of Scheveningse vissersboten: "Daar heeft hij me over verteld ivm een tattoo op zijn arm. Een esculaap die hij altijd onder de lange mouwen van zijn overhemd verborg". Gerrit zou in 1934 lid zijn geworden van de communistische partij.

In  februari 1938 wordt hij aangehouden door de Amsterdamse politie als ronselaar. Hij wordt opgebracht naar het bureau en geregistreerd. Als adres staat vermeld logement Prinsengracht 236, hij is 1m 83, slank postuur, donkerblond haar, blonde wenkbrauwen, gelaatsvorm ovaal, gelaatskleur gezond, blauwe ogen, knobbel op de neusrug, vrij gave tanden. Zijn foto wordt vervolgens getoond aan verschillende personen die in Spanje zijn geweest maar niemand herkent hem als ronselaar. Is het voor de Klonia misschien de doorslaggevende gebeurtenis geweest die maakt dat hij een paar weken later naar Spanje vertrekt? 31 maart 1938 is hij in Albacete, op dat moment het hoofdkwartier van de Internationale Brigade. Niet veel later staat hij onder commando van 'Hollander Piet', Piet Laros, de enige Nederlander die het in de Internationale Brigaden tot kapitein bracht. In die periode wordt onder Piets leiding de Hollandse compagnie De Zeven Provinciën gevormd.

In 1939 verschijnt bij de communistische uitgeverij Pegasus in Amsterdam de brochure Nederlanders onder commando van Hollander Piet in Spanje. Hij is geschreven onder het pseudoniem Vanter. Het is een in de stijl van een jongensboek anno jaren dertig geschreven verslag van de Hollandse compagnie- maar het is het enige dat we hebben. Een aantal Spanjestrijders wordt er met naam en toenaam genoemd - en dat betekende dat ze, mocht het ze al gelukt zijn onopgemerkt naar Nederland terug te komen, ze onherroepelijk hun nationaliteit  kwijt waren. Ook de Klonia wordt er genoemd - en nog wel als korporaal. Vanter verbastert zijn naam tot Kolonia. Uit de brochure van Vanter:

"Kapitein Hollander Piet is kwaad. Kwaad op die Amsterdammer, op korporaal Kolonia, op zijn kameraad van Oirschot, op Kurt, en ja, ook op zichzelf. Dat kwam zo. In de nacht tijdens de mars heeft korporaal Kolonia, toen er even werd gerust, tegen zijn kameraden gezegd: 'Ik ga gauw wat water halen'. Men mag niet lang rusten. Even uitblazen, even het geweer anders om je nek. Meer niet. Want anders vallen de jongens weer in slaap. Ze zijn ten dode vermoeid. Daarom klinkt dadelijk weer:

'Voorwaarts'.

Korporaal Kolonia denkt dat de kameraden zijn licht machinegeweer wel hebben meegenomen. Hij rent achter de troep aan. Het machinegeweer is er niet.....Het beste machinegeweer van de compagnie, achtergelaten op de straatweg. Dat betekent een verloren slag voor de compagnie. Nooit heeft iemand kapitein Piet zo gezien.

'Binnen het uur' buldert hij 'binnen het uur is dat machinegeweer hier.' Doodschieten zal-ie die vent! Met eigen handen. Wie laat nu zijn machinegeweer....

Hollander Piet raast redeloos. Korporaal Kolonia is al terug gerend. Op zoek naar zijn geweer. Kurt probeert Piet te kalmeren. Natuurlijk heeft Piet gelijk, zegt hij, maar ... 'Ik laat mijn mannen niet beledigen' zegt van Oirschot en hij stottert van drift. Piet loopt zwijgend voorop. Hij is kwaad op korporaal Kolonia, op zijn beste kameraad van Oirschot, op Kurt ... En ja, ook op zichzelf!

Het machinegeweer is terug.

'Piet, het is terug' zegt kameraad van Oirschot, ''t is je geluk' bromt Piet. Dan komt Kurt haastig aanstappen, ondanks zijn vermoeidheid.

''s Ist wieder da!' 'Ik weet het al, verdomme!' Nog iemand wil het Piet mededelen. Maar men houdt hem terug. Men fluistert: hij weet het al!

Als het licht is geworden, loopt Piet langs de rijen der rustende soldaten. het kost hem al moeite om zijn gezicht nog in de verstoorde plooi te houden. Vooral als de kameraden hem kennelijk nadoen en zeggen: Fusskranke gibt's nicht, uitvallers overhoop schieten! Achtung!.... Piet gaat naar korporaal Kolonia. Die ziet blauw en groen in zijn gezicht. Driekwart dood van moeheid. 'Je kunt je geweer wel overgeven', zegt Piet 'en hier een paar uur achterblijven!' 'Waarom' vraagt korporaal Kolonia onverzoenlijk. 'Nu jongen, je zult toch wel moe zijn!' antwoordt Piet. 'Niks moeier dan een ander, 't kan best mee' zegt korporaal Kolonia. Hij had Piet wel om de hals willen vallen. Maar zijn gezicht staat strak.

Nu is alles weer goed. En Piet lacht weer, om zijn woede, om de jongens en ... om zichzelf."

Tot zover het verslag van Vanter. Op een handgeschreven papiertje, datum november 1939, vertelt vermoedelijk Teun Blok over Klonia:

Sinds 27 maart 1938 in Spanje, 19 jaar oud en van beroep haringvisser. In Holland lange tijd in de org ( anisaties) tegen het fascisme gestreden en ( onleesbaar)….. als weinige. Het offensief over de Ebro was voor hem het eerste gevecht van betekenis en hij heeft hier wat te betekenen gehad ook. Met zijn machinegeweer heeft hij er veel toe bijgedragen de attaque der fascisten af te slaan en ons onze positie te doen behouden.

Het document is teruggevonden in het Duitse Bundesarchiv, waarom het geschreven werd en hoe het daar terecht is gekomen is niet duidelijk. 

Spanjestrijder Jan van Eijk herinnert zich, als hij in 1985 geïnterviewd wordt voor het boek "De oorlog begon in Spanje" dat hij de Klonia gezien heeft in het ziekenhuis van Benicasim, beter gezegd in een van de villa's die in Benicasim als ziekenhuisjes waren ingericht. Ook hij noemt hem Kolonia, dat lag duidelijk makkelijker in de mond. Over de aard van zijn verwondingen weten ook zijn kinderen niets. Zoals veel kinderen van Spanjestrijders weten ze weinig van het Spaanse verleden van hun vader en weinig over de oorlogsjaren. Het was thuis niet echt een gespreksonderwerp - zeker ook omdat de Klonia in later jaren in toenemende mate last kreeg van zijn oorlogsherinneringen. Na de oorlog kreeg de Klonia een fraai certificaat voor zijn verdiensten in oorlogstijd - ondertekend door prins Bernhard himself maar hij weigerde dit in ontvangst te nemen. "Hij had liever zijn nationaliteit teruggekregen", schrijft zoon Wim. Hij  kreeg het voor zijn werk in het verzet, bij de BS, de Binnenlandse Strijdkrachten, waar hij oa deelnam aan een overval op een distributiekantoor. Dochter Ins voegt er aan toe: "Toen Pa eindelijk zover was om zijn Nederlanderschap  aan te vragen omdat hij graag eens op vakantie wilde, is hij naar het hoofdbureau van politie gegaan Gesprek in een kamertje. Kreeg daar een sigaar aangeboden ,vervolgens werd hem gevraagd hoe lang hij bij de NSB geweest was. Pa pislink! En vertelde dat hij geen NSB'er was geweest maar tegen Franco in de Spaanse burgeroorlog gevochten had. De asbak met sigaar werd weg getrokken en Pa vertrok." Het zal dan ook tot 1970 duren voor de Klonia zijn nationaliteit terug kreeg. Na de oorlog had hij werk gevonden bij de ADM maar een val van een steiger breekt hem op. Een ongeval maakt in 1977 een eind aan zijn leven. Zoon Wim:

"Mijn ouders hadden een caravan in Wijdenes en Pa ging op de brommer eieren halen bij de boer en is toen dood gereden in plotseling slecht weer."

Bronnen: 
  • Mails met Wim en Ins de Klonia, 2015-2016
  • Nationaal Archief, Den Haag, Ministerie van Justitie: Afdeling Politie, Bureaus Kabinet en Juridische Zaken, nummer toegang 2.09.107, inventarisnummer 478
  • Nationaal Archief 2.09.22, Ministerie van Justitie, 1914-1940 (Geheim Archief), inventarisnr 16810
  • Nationaal Archief, Den Haag, Ministerie van Justitie: Rijksvreemdelingendienst (RVD) en Taakvoorgangers, nummer toegang 2.09.45, inventarisnummer 1569
  • Noord-Hollands Archief, nummer toegang 307, inv.nrs 160,161 - Parket van de Procureur-Generaal te Amsterdam 1930-1939
  • Gerard Vanter, Nederlanders onder commando van Hollander Piet, uitgave Pegasus, Amsterdam 1939
  • SAPMO, Stiftung Archiv der Parteien und Massenorganisationen der DDR - onderdeel van het Bundesarchiv 
  • Archief Internationale Brigaden, Moskou, RGASPI F.545-Op.3-D.74-L.126
  • Archief Internationale Brigaden, Moskou, RGASPI F.545-Op.6-D.36-L.118
  • Archief Internationale Brigaden, Moskou, RGASPI F.545-Op.6-D.404-L.41
Auteur: 
Yvonne Scholten
Laatst gewijzigd: 
17-01-2019
Overige gegevens
Sekse: 
man
Beroep: 
Zeeman
Overtuiging: 
Communist
Functie: 
Cabo
Adres: 
Prinsengracht 286
Woonplaats: 
Amsterdam
Datum vertrek Nederland/aankomst Spanje: 
27-03-1938
Datum terugkeer: 
00-12-1938
Gewond: 
ja
Nederlanderschap afgenomen: 
ja
Nederlanderschap teruggegeven: 
25-02-1970
Vader: 
Wilhelmus de Klonia
Beroep vader: 
Banketbakker
Moeder: 
Maria Anna Keyser
Partner: 
Hendrika Elisabeth Wijand
Kinderen: 
4 kinderen