LOS, Jan

Jan
Los
Geboren:
Gronau (Duitsland)
21 mei 1914
Overleden:
Enschede
27 juli 1987
Levensbeschrijving: 

Stadsgenoot Johan Leusink is de enige die een bericht heeft nagelaten over Jan Los in Spanje. In een brief van 9 februari 1938 – Los is dan nog geen drie maanden in Spanje – meldt hij dat hij Jan Los gaat opzoeken in het hospitaal van Albacete.
Los kwam op 19 december 1938 met een ziekentransport terug uit Spanje. Bij die gelegenheid werden hem zijn papieren ontnomen en kreeg hij de mededeling dat hij de Nederlandse nationaliteit had verloren.

Jan Los kwam vanuit Gronau in Duitsland op zijn vijftiende aan in Amsterdam. Hij verbleef daar een jaar in het “Gesticht voor Jongens”, het zogenaamde “Observatiehuis voor zeer moeilijke Jongens” in de Vosmaerstraat. Hierna werd hij overgeplaatst naar “De Kruisberg” het Rijksopvoedingsgesticht in Doetinchem en daarna verbleef Jan in het Rijksopvoedingsgesticht te Amersfoort. Maar met korte tussenpozen woonde hij ook bij zijn familie in Enschede en in Haarlem, waar hij in een schoenmakerij werkte. Tot zijn 21e jaar bleef hij onder regeringstoezicht staan.

Jan Los leidde geen deugdzaam leven. In 1933 werd hij gearresteerd voor verduistering. In 1935 werd hij voor diefstal tot zes maanden gevangenisstraf veroordeeld, waarvan drie maanden voorwaardelijk . In 1937 kreeg hij één maand voorwaardelijk aan zijn broek voor diefstal en oplichting.
In april 1937 keerde hij vanuit Haarlem weer terug bij zijn familie in Enschede en verdiende hij op fiets de kost als smokkelaar. In november van dat jaar vertrok Jan Los naar Spanje.

Met een ploeg van meer dan 50 Internationale vrijwilligers komt Jan Los op na een barre voettocht door de winterse Pyreneeën op 11 november 1937 aan in het Catalaanse bergdorp Massanet. Twee dagen later arriveert hij in Albacete waar het hoofdkwartier van de Internationale Brigades is gevestigd. Na een korte militaire opleiding wordt Jan - zoals veel Nederlandse vrijwilligers- opgenomen in het 1ste bataljon “Edgar André” van de XIde Brigade. In januari 1938 vertrekt hij naar het front in Aragon.

Hij is niet bepaald een gezeglijke ondergeschikte en het kader van de Internationale Brigades, met name Gustav Szinda, is niet erg te spreken over Jans gedrag: “geen goed soldaat, ongedisciplineerd, niet kameraadschappelijk en probeerde zich voortdurend te drukken, politiek primitief en niet geïnteresseerd”.
In de zomer van 1938 neemt Jan deel aan het Republikeinse Ebro-offensief en raakt daar op 28 juli gewond aan zijn linkerbeen. Hij wordt overgebracht naar Barcelona. In oktober 1938 worden de Internationale Brigades ontbonden. De meeste vrijwilligers die terug kunnen worden dan met behulp van zaakgelastigden van hun regering gerepatrieerd, zo ook de Nederlanders. Het eerste en grootste transport - 125 Nederlandse interbrigadisten - arriveert op maandag 5 december 1938 in vier aparte treinwagons in het grensstation Roosendaal. Jan Los is daar niet bij omdat hij nog niet genoeg hersteld is van zijn verwondingen.

Op zaterdag 17 december vertrekt er uit Catalonië een transport van 350 gewonden. De meeste van hen zijn Fransen, Engelsen en Amerikanen. Ze worden op diverse stations enthousiast uitgezwaaid door de Spaanse bevolking en komen de volgende dag aan op Gare d’Austerlitz in Parijs. Na behandeling in het naast het Gare du Nord gelegen ziekenhuis Lariboissière verlaten 14 Belgische en 10 Nederlandse gewonden op 19 december per trein Parijs. Ze hebben voor vertrek uit Spanje burgerkleding gekregen en hun laatste soldij ontvangen: 300 Franse francs, toen ongeveer 30 gulden.

Op Jan van Eijk na zijn de Nederlanders gewond geraakt in de slag om de Ebro. Vijf van hen liggen op brancards. De Amsterdammer Joop Lommerse is er het ergst aan toe. Als gevolg van een granaatinslag is hij zwaar gewond geraakt: zijn hele onderlijf zit in het gips. Ze hebben onderling Jan Los uitgekozen als hun vertegenwoordiger en groepsleider, hun ‘responsable’.
Aan dit eerste gewondentransport en de aankomst in Nederland wordt veel aandacht besteed in de landelijke dagbladen:
“Zooals de leider der groep, J. Los mededeelde, wachten nu nog ongeveer vijfendertig Nederlandsche vrijwilligers in Barcelona op hun vertrek maar Nederland”

Jan had een jaar in Spanje gevochten, maar vanuit Spanje meende men toch het volgende briefje naar Nederland te moeten sturen:
Barcelone, le 21.decembre 1938    
Au secretariat du Parti Communiste Hollandais
Cher Camarades,
Dans le convoi des volontaires Blesses ou Malades rapatries fin decembre 1938 se trouvent les Volontaires:
DE BOCK  Antonius Hubertus, ne le 18.9.13 a Roesmond et habitat de la meme ville
LOS Jan, ne le 21.5.14 a Aronau et habitant a Ensahede
Ces deux Volontaires se sont mal comportes en Espagne et sont a considerer comme mauvaises elements, a surveiller.
Salutations Communistes      Andre

(Barcelona, 21 december 1938  -  Aan het secretariaat van de Nederlandse Communistische Partij  -  Beste kameraden,  In de groep van gewonde of zieke vrijwilligers die eind december gerepatrieerd worden bevinden zich de vrijwilligers:
Antonius Hubertus de Bock, geboren 18-09-1913 in Roermond en wonende in dezelfde stad.
Jan Los, geboren 21-05-1914 in Gronau en wonende in Enschede.
Deze twee vrijwilligers hebben zich in Spanje slecht gedragen en zijn te beschouwen als verkeerde elementen, in de gaten houden.
Communistische groeten,   André )

Deze André was mogelijk André Marty, de hoogste politiek-commissaris bij de Internationale Brigades, berucht Frans stalinist en Secretaris van de Komintern in Moskou. André Marty vond het in ieder geval ook nodig om de Spaanse vrouw van Jan van Eijk, Encarnacion Presa Aparico, uit bovengenoemde trein te moeten halen, zodat ze later, zwanger en wel te voet door de winterse Pyreneeën naar Frankrijk moest vluchten.

In hoeverre Jan Los actief in het verzet is geweest is niet duidelijk. Wel werd hij in 1944 door de SD (Sicherheitsdienst) gearresteerd en twee dagen vastgehouden.

Na de bevrijding werd hij actief in de CPN en was begeleider in het jongerenwerk van het ANJV (Algemeen Nederlands Jeugdverbond, de jongerenorganisatie van de CPN). Ook was hij lid van de vereniging “Vrij Spanje”. Hoewel hij in ieder geval tot 1980 aangesloten was bij de CPN, was hij na 1949 niet meer actief lid.
Hij leidde een teruggetrokken bestaan, werkte als schoenmaker en bleef tot zijn dood in Enschede wonen.

Bronnen: 
Auteur: 
Ton Hegeraad, Yvonne Scholten
Laatst gewijzigd: 
22-03-2025
Overige gegevens
Sekse: 
man
Beroep: 
Schoenmaker
Adres: 
Kalanderstraat 18
Woonplaats: 
Enschede
Datum vertrek Nederland/aankomst Spanje: 
11-11-1937
Datum terugkeer: 
19-12-1938
Nederlanderschap afgenomen: 
ja
Vader: 
Arend Los
Beroep vader: 
fabrieksarbeider
Moeder: 
Geesje Knol