OORD, Frans

Franciscus Jacobus
Oord
Geboren:
Zaandam
15 april 1914
Overleden:
Zaandam
18 januari 2005
Levensbeschrijving: 

Frans Oord was de middelste zoon uit een Zaandams arbeidersgezin van dertien kinderen. Het gezin woonde aan de Vinkenstraat 132. Zijn vader, ‘vrijdenker’ en geheelonthouder, was grondwerker en lid van het Nationaal Arbeids Secretariaat (N.A.S.). Op dertienjarige leeftijd begon Frans Oord met werk in de fabriek en later werd hij jeugd-lid van de NVV. In 1932 werd hij op achttienjarige leeftijd lid van de CPH (later CPN, Communistische Partij Holland – later Nederland), waar hij op verschillende manieren actief voor was.

De CPH deed veel voor de opvang van Duitse vluchtelingen in de Zaanstreek en zodoende kwam Frans Oord in contact met de gevaren van het oprukkende fascisme. Zijn strijdbaarheid en politiek activisme komen wel naar voren uit de paar maanden in 1934 die hij in militaire dienst moest. Toen in juli het Jordaanoproer uitbrak kregen de soldaten de order om de opstand neer te slaan, maar Frans Oord weigerde dit: "Ik zeg, luitenant, het spijt me wel, maar de kapitein heeft me daar op de Leusderhei verzekerd, dat ik hier alleen ben om het vaderland te verdedigen, maar als je nou had gezegd dat ik hier naartoe moest komen om mee naar Amsterdam te gaan om op een stelletje werklozen te schieten, had u mij bij voorbaat niet gezien."

Toen de Spaanse Burgeroorlog uitbrak ontstond bij Frans Oord het idee om mee te gaan strijden. Hoewel zijn vader antimilitarist was, steunde hij Frans in zijn besluit. Op het moment van vertrek was Frans Oord werkloos, maar naar eigen zeggen zou hij ook gegaan zijn als hij wel werk had gehad. Hij heeft in latere interviews meerdere malen benadrukt uit overtuiging te zijn gegaan en niet als avonturier. In overleg met de CPN vertrok Frans met de andere Zaandammers Dingeman de MunckGerrit Giere en Jan Hulst op 3 juni 1937 naar Spanje.

De reis zelf verliep al vrij uitzonderlijk. De Zaandammers vermoedden dat hun vijfde medereiziger, een man genaamd 'Jansen', een undercoveragent van de Nederlandse geheime dienst was. Deze Jansen had de treinkaartjes naar Parijs geregeld, vanwaar er met grote internationale groepen naar Spanje werd gereisd. Onderweg naar Parijs sijpelden er berichten door dat de politie in Amsterdam de treinen uitkamde op zoek naar een paar jongens uit Zaandam. Jansen kwam elk moment zenuwachtiger over en de vier jongens uit Zaandam vonden het maar een vreemde snuiter. Eenmaal in Parijs aangekomen nam Jansen meteen de benen. Alhoewel de Nederlandse geheime dienst zeker gebruik maakte van undercoveragenten, staat intussen vast dat het bij Jansen om de CPN-er Cornelis van Soolingen ging die elf Zaankanters met informatie en geld hielp naar Spanje te gaan.  

In Parijs verbleven ze een tijdje in gebouwen van de Confederation Generale de Travail met grote groepen mensen uit verschillende landen. Ze werden hier door communisten goed aan de tand gevoeld over hun motieven en of ze goed wisten waar ze aan begonnen. Het duurde een aantal weken voordat de Zaandammers door konden reizen en ze besteedden de dagen aan het verkennen van Parijs, tot op de dag dat ze besloten naar de bioscoop te gaan. Frans Oord schrok zich rot toen hij uit het niets twee Zaanse rechercheurs, die ongetwijfeld naar hem op zoek waren, tegen het lijf liep. Ze zetten het op een lopen en zijn tot aan hun vertrek naar Spanje niet meer zomaar naar buiten geweest.

Na vergeefse pogingen met de boot vanuit Marseille en met de trein vanaf Perpignan stak Frans Oord met nog meer dan honderd anderen de Pyreneeën over. In juli 1937 begon hij bij de artillerie aan het Brunete-front, waar mede-Zaandammer Gerrit Giere het leven liet. In gesprek met historici Rik Vuurmans en Frans Groot, co-auteurs van het boek De oorlog begon in Spanje, vertelt Frans Oord over zijn ervaringen aan het front. Eerst vocht Frans Oord in Oostenrijkse en Duitse bataljons, waarna hij later in de Hollandse Compagnie ‘De Zeven Provinciën’ vocht onder kapitein Piet Laros. Hij had vaak te maken met bombardementen aan de zware fronten van Brunete, Teruel, Belchite en aan de Ebro.

Frans Oord zag veel goede mensen om zich heen sneuvelen, waaronder zijn Belgische artillerie-kameraad ‘Fons’ aan de Ebro, naar wie hij uiteindelijk zijn zoon heeft vernoemd. Op de vraag of het ook moeilijk was om zelf fascisten om het leven te brengen was Frans Oord vrij nuchter: "Fascisme is iets, daar kan je niet mee praten. Wij wisten één ding, zij moesten zoveel mogelijk van ons doden en wij moesten zoveel mogelijk van hun doden. Dat was die strijd daar, daar zat niets tussen.*"  Zelf raakte Frans Oord als één van de weinigen niet gewond in Spanje en dat was maar goed ook. Hij bleek later hemofilie-patiënt te zijn en was waarschijnlijk snel doodgebloed als hij geraakt zou worden. De zware slag bij de Ebro was de laatste voor de Internationale Brigades zich terugtrokken.

Toen Frans Oord terugkwam op 5 december met de groep van Piet Laros raakte hij zijn Nederlanderschap kwijt.** De Tweede Wereldoorlog begon, en de familie van Frans Oord kreeg veel last door zijn strijd in Spanje. Frans Oord vertelt in het interview met Rik Vuurmans en Frans Groot dat de ruiten van zijn ouderlijk huis werden ingegooid door NSB’ers, en dat de Duitsers in hun zoektocht naar hem het hele huis overhoop hadden gehaald. Als voorzorgsmaatregel had Frans’ moeder al zijn communistische lectuur verbrand. Omdat Frans niet thuis was, werd zijn broer meegenomen, ondervraagd, en zes weken vastgehouden op de Weteringschans. Frans Oord zelf lag met TBC in het sanatorium Zonnestraal in Hilversum, wat de hele oorlog lang zijn verzorgingstehuis en tevens zijn onderduikadres was.

Na de oorlog bleef hij nog tot eind 1947 in het sanatorium om te herstellen waarna hij in 1949 zijn Nederlanderschap terug kreeg. Hij werkte vervolgens negenentwintig jaar als grondwerker voor de gemeente, en bleef met zijn gezin wonen in Zaandam. Spanje en de strijd voor rechtvaardigheid bleven hem altijd bezighouden. In 1986 was hij betrokken bij de onthulling van het monument voor de gevallen in de Spaanse Burgeroorlog in Amsterdam-Noord, en bij de reis naar Spanje van de groep Nederlandse oud-Spanjestrijders. Op 18 januari 2005 overleed Frans Oord op negentigjarige leeftijd. De NCPN verklaarde “afscheid te nemen van een kameraad die opkwam voor vrede en rechtvaardigheid. Een voorbeeld voor de huidige en komende generaties.”

Bronnen: 
  • ‘Interview van Rik Vuurmans & Frans Groot, 1984, gebruikt voor het boek De Oorlog Begon in Spanje, Hans Dankaart e.a.’ Collectie Nederlandse deelnemers aan de Internationale Brigades in de Spaanse Burgeroorlog. Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis. 63.
  • ‘Stukken betreffende Gerrit Giere en andere Internationale Brigadisten uit de Zaanstreek . 1998-1999.’ Collectie Nederlandse deelnemers aan de Internationale Brigades in de Spaanse Burgeroorlog. Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis. 23.
  • "Brieven van Zaankanters uit Spanje"  in Volksdagblad, 8 juli 1938, Een leuke brief van Frans Oord in het Volksdagblad, waarin hij vertelt dat hij het goed maakt en wil bedanken voor de Nederlandse sigaretten.
  • Pim Ligtvoet en Willemien Schenkeveld, De Zaanse Spanjestrijders. Wormer 2019
  • "Oud-Spanjestrijders voor het vertrek" in De Waarheid, 24 oktober 1986, de reis naar Spanje van de Nederlandse oud-Spanjestrijders:
  • "Wij gaan niet als helden maar uit solidariteit", in De Waarheid, 24 oktober 1986
  • "Bij de dood van Frans Oord" , NCPN, 2005
  • Archief Internationale Brigaden, Moskou, RGASPI F.545-Op.6-D.35-L.16
  • Archief Internationale Brigaden, Moskou, RGASPI F.545-Op.6-D.403-Ll.3, 22-23
  • Archief Internationale Brigaden, Moskou, RGASPI F.545-Op.6-D.404-L.61

* In een interview met Pim Ligtvoet, in De Fabriek, Zaandam 5 mei 1997 vertelt hij dat hij wel het bekende gedicht van Henriette Roland Holst bij zich droeg: “'De zachte krachten zullen winnen in het einde, een stem in mij zegt dat zo innig teder'”.

** In hetzelfde interview: "Op het station van Roosendaal stond Stavertje Wijnkoop (CPN)! we begonnen de Internationale te zingen, dat werd verboden; toen maar 'Zie ginds komt de stoomboot uit Spanje'. Ik werd apart genomen, naar Eindhoven gebracht en later naar Amsterdam, begeleid door  marechaussees. Door die vertraging heb ik het Spanje-feest in Krasnapolsky gemist. Ik kwam laat in Zaandam aan, waar ze me ophaalden en een feest maakten in de Vinkenstraat."

Auteur: 
Lennart Bolwijn, met aanvullingen van Pim Ligtvoet
Laatst gewijzigd: 
31-05-2019
Overige gegevens
Sekse: 
man
Beroep: 
Fabrieksarbeider
Overtuiging: 
Communist
Adres: 
Vinkenstraat 132
Woonplaats: 
Zaandam
Datum vertrek Nederland/aankomst Spanje: 
15-06-1937
Datum terugkeer: 
05-12-1938
Nederlanderschap afgenomen: 
ja
Nederlanderschap teruggegeven: 
06-06-1947
Vader: 
Klaas Oord
Beroep vader: 
Grondwerker
Moeder: 
Trijntje Kat
Partner: 
Johanna Hendrika Derksen