Toen Casper Clement, de jongste in een gezin met vier kinderen, 10 jaar oud was overleed zijn moeder en nam zijn zes jaar oudere zuster Riek de zorg voor haar jongste broertje op zich. Tevens bestierde zij het huishouden voor haar vader en haar twee oudere broers. Casper groeide op in de Amsterdamse Spaarndammerbuurt en werd na de lagere school metselaar. Hij bleef na het trouwen van Riek bij haar en zijn zwager in de kost en werd actief in de linkse jeugdbeweging en bestuurslid van de Vereeniging voor Cultuur, Ontwikkeling en Ontspanning (V.C.O.O.). Dit was de opvolger van de in 1936 opgeheven Communistische Jeugd Bond (CJB).
Casper Clement vertrok op 20-jarige leeftijd samen met zijn beste vriend Dirk Gonggrijp, toen nog maar 19 jaar, naar Spanje om in het Republikeinse leger te vechten tegen de fascisten van generaal Franco. Op 7 augustus 1937 ging hij met een grote groep andere internationale vrijwilligers in de Pyreneeën de Frans-Spaanse grens over en kwam aan in het Catalaanse bergdorpje Agullana. Op 10 augustus was hij in Albacete, het hoofdkwartier van de Internationale Brigades. 126 vrijwilligers waren daar die dag aangekomen, waaronder naast Casper en Dirk, de Nederlanders Willem Duijn, Nanne Koolwijk , Jan May en Korstiaan van der Mije. Na een korte militaire opleiding werden Casper en Dirk opgenomen in de XIde Brigade.
De XIde Internationale Brigade maakte deel uit van de 35ste Divisie van generaal Walter (Karol Swierczewski). Deze divisie werd in de zomerhitte van augustus 1937 ingezet in de veldslag bij Belchite in een Republikeinse poging Zaragoza te veroveren en in de gevechten bij de Alfambra-rivier in de sneeuwstormen van februari 1938 in de nasleep van de winterslag om Teruel.
Op 26 maart 1938 krijgt Casper Clement toestemming om met verlof (‘permiso’) naar huis te gaan. De reden is onbekend maar moet wel een gevolg zijn van bovenstaande krijgsverrichtingen waarin de XIde Brigade was gedecimeerd en veel internationale vrijwilligers die het hadden overleefd mentaal kapot waren. Toch is het waarschijnlijk dat hij ten gevolge van de militaire situatie langer in Spanje is gebleven.
In diezelfde maand maart start Franco zijn Aragon-offensief. Het verzwakte Republikeinse leger wordt over een frontbreedte van ongeveer 250 kilometer ruim honderd kilometer teruggeslagen en de Spaanse republiek is in april in tweeën gedeeld. Hierna, in de zomer van 1938 is iedereen nodig voor het republikeinse tegenoffensief aan de Ebro.
Een andere Interbrigadist, Evert Ruivenkamp uit Den Haag, beschrijft in zijn dagboek de aankomst van een ploeg Nederlanders in het legerkamp bij Vila Seca in Catalonië op 13 mei van dat jaar. Hij noemt - naast Willy de Lathouder, Jo van Norren, Nanne Koolwijk, Jan Maarseveen en Gerrit Paarlberg - ene Klemens. Hiermee kan bijna alleen Casper Clement bedoeld zijn.Gedurende de thuisreis van Spanje naar Amsterdam wist Casper onder de radar van de Nederlandse autoriteiten te blijven, want er is geen dossier uit die tijd van hem bekend bij Buitenlandse Zaken en ook niet bij Justitie. Zijn Nederlandse nationaliteit is hem dus nooit afgenomen.
In de Tweede Wereldoorlog werd Casper Clement door het Amsterdamse Gewestelijk Arbeids Bureau gedwongen om als ovenmetselaar in Duitsland te werken. Mogelijk had hij in juli 1943 in Amsterdam last van een post-traumatisch stresssyndroom als gevolg van gebeurtenissen in Spanje. Het gedwongen werken in nazi-Duitsland en het jong overlijden van zijn vriend Dirk Gonggrijp moeten hem zwaar hebben aangegrepen.
Maar ook had de “belangstelling” voor hem van het hoofd van de SD in Amsterdam, Willy Lages, hier zeer wel mogelijk mee te maken (SD = Sicherheitsdienst, de politieorganisatie van de SS).
De naoorlogse Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) had in de koude oorlog dankbaar gebruik gemaakt van de nog overgebleven - niet door de Duitsers vernietigde - archiefstukken van de nazi-instanties betreffende communisten. Daarin kwam ook de naam van Casper Clement voor.
Sinds 1939 had de GROe – de militaire inlichtingendienst van de Sovjet-Unie – een door Russische geheime agenten gerunde cel in Brussel met een radioverbinding met Moskou. De cel opereerde onder de schuilnaam “Clement”. Hiermee in verbinding stonden de Nederlandse communisten Daan Goulooze en “Frans” (Johannes August van Proosdij). Deze cel in Brussel werd in december 1941 opgerold door de Gestapo (Geheime Staatspolizei). De radio-operateur werd gearresteerd, maar de andere Russische geheim-agenten wisten te ontkomen. De Nederlandse geheimagent “Frans” hield - tot zijn arrestatie in mei 1943 - vanuit Berlijn radiocontact met Moskou. Toen kwam de naam “Clement” weer in beeld en werd er door de Gestapo een link gelegd met de Nederlandse communist Casper Clement. Er kwam in juni een verzoek van de SS-er Willy Lages om Casper Clement voor verhoor over te brengen naar Amsterdam. Hoe dit verder is afgelopen is niet duidelijk, want het archief van de SD in Amsterdam werd door de Duitsers op de binnenplaats van hun hoofdkwartier in de Euterpestraat in brand gestoken. Misschien is het voor Casper Clement wel met “een sisser” afgelopen want na een naoorlogs verblijf in Well in Limburg kwam hij in 1946 weer terug in Amsterdam.
De Euterpestraat werd vanwege de nare gevoelswaarde van die naam in 1945 vernoemd naar de verzetsstrijder Gerrit van der Veen. Het oude SD-hoofdkwartier is nu de middelbare school “Gerrit van der Veen College”.
Na de oorlog trouwde hij met een jonge Duitse weduwe die hij daar had leren kennen. Met haar en haar twee kinderen vestigde Casper Clement zich in Amsterdam. Daar zullen zijn vrouw en zijn stiefkinderen het niet makkelijk hebben gehad want na de bevrijding in 1945 had het verzet tegen de Duitsers alsnog massale vormen aangenomen.
Het nieuwe gezin trok vanwege de verschrikkelijke naoorlogse woningnood in bij zijn zuster Riek en haar man en zoon. Daar werd nog een dochter geboren. In 1950 verhuisde Casper met vrouw en kinderen naar de Indische buurt en kwam er nog een dochter bij.
Casper Clement ging in Amsterdam weer aan de gang als metselaar en was propagandist voor de met de CPN verbonden vakbondsorganisatie EVC (Eenheids Vakcentrale). Hij was stakingswoordvoeder van de bij de EVC aangesloten vakbond ‘Algemene Bond van Werkers in de Bouwnijverheid’ (ABWB).
De BVD (Binnenlandse Veiligheidsdienst) volgde tot in de jaren tachtig zijn doen en laten. De BVD wist van zijn persoonlijke contacten in Oost-Duitsland (DDR) en noteerde dat hij en ook zijn jonge dochter daar op vakantie gingen. Toch kwam Casper Clement steeds losser te staan van de CPN
Vanaf 1975 woonden Casper Clement en zijn vrouw in een nieuwbouwflat in Amsterdam-Noord.
- Informatie Harriet Stroomberg 2016 (achternicht)
- Idem Harry Stroomberg 2020 (neef)
- Lijst van links-extremistische personen 1939 opgesteld door de CID (Centrale Inlichtingen Dienst) BVD 59/76
- https://resources.huygens.knaw.nl/pdf/cid/2200-2299/2232.pdf
- Stadsarchief Amsterdam - Indexen
- Archief Internationale Brigaden, Moskou, RGASPI F.545-Op.2-D.114-L.151
- Archief Internationale Brigades, Moskou
- - RGASPI F.545-Op.2-D.290
- - RGASPI F.545-Op.6-D.35-L.75
- - RGASPI F.545-Op.6-D.403-Ll.2,16-17
- Hugh Thomas, The Spanish Civil War – 2001
- Antony Beevor, The Battle for Spain - 2006
- Evert Ruivenkamp, Een Hollandse jongen aan de Ebro - Dagboek van een Spanjestrijder - Ingeleid en van een nawoord voorzien door Yvonne Scholten - Amsterdam, uitg. Jurgen Maas, 2022
- Nationaal Archief, 2.04.125, Binnenlandse Veiligheidsdienst (BVD) en voorgangers van het Ministerie van Binnenlandse Zaken: Persoonsdossiers, inventarisnummer: 55918
